OK, nog één keer over talentenjachten

De ironie van de mediacratie: het feit dat ik consequent aanbiedingen afwijs om mee te doen aan tv-talentenjachten, levert me om die reden juist persaandacht op. Deze week in Veronica Magazine.

Ik heb vriendelijk bedankt om mee te doen aan Holland’s got Talent, The Voice en Idols. Waarom precies, daar schrijf ik graag stukjes over. Mijn blogposts trokken weer de aandacht van een redacteur van Veronica Magazine, die bezig was met een artikel over tv-talentenshows. Aanstaande woensdag gaat er namelijk wéér een seizoen van Idols van start, en redacteur Koen Helder vroeg zich af waarom – naast onbekend talent – steeds meer professionals, die hun carriere al op de rit hebben, te zien zijn in dit soort programma’s. Een goede vraag inderdaad, die ik ook wel eens hardop heb gesteld.

In het artikel geef ik aan waarom ik denk dat een tv-talentenshow voor mij niet de juiste weg is. In mijn ogen is het meer een vorm van reality-tv dan een een platform voor talentontwikkeling. Ik vind de contracten niet goed genoeg, die zijn vooral gunstig voor de producent en niet voor de artiest. Als je mainstreammuziek wilt maken, kun je best een poging wagen vind ik. Maar met de muziek die ik maak en de mate van artistieke vrijheid die ik daarbij wil behouden? Vergeet het maar.

Via YouTube, Spotify en andere media kun je in potentie de hele wereld als publiek bereiken zonder dat je artistieke consessies hoeft te doen. Ik vind dit echt een voordeel van deze tijd. Niet dat dit altijd makkelijk is, maar vroeger kwam je zonder platencontract misschien niet verder dan spelen in het buurthuis of de buurtkroeg. Het was toen ondenkbaar dat je met zelfgemaakte muziekvideo’s honderden reacties zou krijgen van over de hele wereld! Televisie heb ik daar niet persé voor nodig.

Verder komt ook Jennie Lena aan het woord, finalist van The Voice. Zij heeft ervaren dat deelname aan het programma zeker zijn vruchten heeft afgeworpen omdat ze precies wist wat ze ermee wilde bereiken. Maar Gordon Groothedde, werkzaam bij de eerste drie seizoenen van The Voice, denkt dat een talentenjacht zelden een opstap is naar meer. De roem vervliegt ook razendsnel weer als het volgende seizoen voor de deur staat. Hij legt uit dat 90% van de mensen zich vooral aanmelden voor zo’n programma omdat ze beroemd willen worden. “Maar dat is niet de juiste insteek”, legt hij uit, “je wilt ook mensen aantrekken die één en al muziek ademen. Door te scouten, weet je zeker dat je die binnehaalt.” Mensen zoals Jennie en ik dus.

Dat bevestigt mijn vermoeden dat de ‘cast’ van The Voice nooit zomaar ontstaat, maar zorgvuldig wordt samengesteld uit de juiste hoeveelheid wannabe-popsterren, rasmuzikanten en potentiële winnaars. Om vooral een vermakelijk tv-programma te maken. Muziek lijkt wel hetzelfde lot beschoren te zijn als de politiek; media en politiek zijn nu zódaning met elkaar verwoven dat we het verschil tussen de twee niet meer lijken te kunnen zien.

Maar, weet goed dat naast wat je ziet in The Voice (maar ook programma’s als DWDD) vele muziekwerelden bestaan die je vaak niet ziet of misschien helemaal niet kent. Deze functioneren prima zonder televisie en hebben eigen kanalen om hun achterban te bereiken. En dit zijn de plekken waar ruimte is voor experiment, waar muzikale revoluties zich ontketenen. Hier ontstaan de nieuwe stromingen, die dan vervolgens jaren later opeens mainstream worden.

Share This Story, Choose Your Platform!